Hij komt …

Mensen die mij goed kennen durven soms denken dat ik geen fan ben van de heilige sprookjesfiguur, maar dat is niet zo. Als kind was ik verzot op cadeautjes krijgen en aangezien er toen niet kwistig werd omgegaan met verwennerijen en cadeaus was 6 december echt een uitzonderlijke hoogdag. Hij kwam altijd ’s nachts langs en ik vond dat toen wel eng, maar ook super spannend.

Op school was het een ander verhaal. Daar was het jaarlijks evenement een verschrikking. Een 400-tal kinderen werden in de grote turnzaal gepropt en toen kwam de Sint eraan met zijn 2 Pieten.  Om de mengeling van paniek, uitzinnige vreugde en gelatenheid onder controle te houden moesten we met z’n allen liedjes zingen. Maar de echte nachtmerrie volgde daarna: Het boek ging open en van elke klas werden 2 voorbeeldjes naar het podium, bij Sinterklaas, geroepen, een goed en een slecht. Elk jaar was ik ervan overtuigd dat ik ook zou worden opgeroepen en niet om het goede voorbeeld te zijn. Het idee dat alles wat ik fout deed geweten en opgeschreven werd, was een verschrikking.  Dus elk jaar voelde ik weer die opluchting als mijn klas gepasseerd was zonder dat mijn naam door de zaal klonk en uiteindelijk het grote boek dichtging. Zelfs toen ik al lang niet meer gelovig was.

Mijn eerste kind was als kleuter bang dat Zwarte Piet hem mee zou nemen naar Spanje omdat hij niet altijd flink was. De helft van de klas waren kinderen met een andere origine en vierden Sinterklaas niet; in de beleving van het kind dus ‘stoute kinderen’, want ze kregen niets. Aangezien wij gematigd waren in het overspoelen met snoep en speelgoed, was hij ervan overtuigd dat hij zelf toch ook niet bij de flinksten hoorde. We hebben toen besloten om hem uit zijn lijden te verlossen. Vanaf dat moment is Sinterklaas in ons gezin een sprookjesfiguur die in boekjes en verhaaltjes bestaat. Grote mensen vinden het fijn om zich te verkleden en zo te doen alsof hij ook echt bestaat, om zo de kinderen een plezier te doen.

Ik merk dat elk van onze kinderen het gedoe op zijn eigen manier beleeft. De oudste had heel veel behoefte om te weten hoe de vork in de steel zat, de tweede vergat telkens weer dat het niet echt was, de derde kon het precies niet zoveel schelen, maar hij bleef toch op een afstand en onze jongste vond ons allemaal oerdom toen we het haar uitlegden: “Natuurlijk bestaat hij wel in ‘t echt, wie brengt er anders die cadeautjes wanneer wij allemaal slapen?”. 

Ik houd dus super veel van Sinterklaas. Alleen niet van de leugens en de commerciële gekte errond …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *